U vindt op deze pagina informatie over de contactpersonen, bijeenkomsten, ambitie & werkterrein, en lopende kennisprojecten van deze werkgroep. Een kennismakingsfolder met complete informatie kunt u hier als pdf downloaden.
Contactpersonen
Durk Oosterhof (voorzitter)
0512 - 545571 / d.oosterhof@obio.nl
Sjef Staps (themacoördinator en coördinator bedrijfsnetwerk)
Louis Bolk Instituut, s.staps@louisbolk.nl / 0343 – 52 38 60
Marijn Poel (communicatiecoördinator)
WUR, marijn.poel@wur.nl / 070 – 335 82 87
Jac Meijs (kennismanager)
Biologica, meijs@biologica.nl 030-233 99 70
Bijeenkomsten in 2010
Verdere data zullen volgen
Ambities en werkterrein
De Themawerkgroep Bodemvruchtbaarheid streeft naar het gebruik van 100% biologische meststoffen in de biologische landbouw. Het doel is het realiseren van een gezonde bodem als fundament voor kwaliteitsproducten. Om dit doel te bereiken, zet de werkgroep een reeks kennisprojecten in en zorgt zij voor uitwisseling van kennis. Ook ontwikkelt ze voorstellen voor biologische regelgeving. De Themawerkgroep Bodemvruchtbaarheid is onderdeel van BioConnect en in 2006 in opdracht van de Vakgroep Biologische Landbouw LTO/Biologica opgericht. De Vakgroep als vertegenwoordiger van alle biologische boeren en tuinders pakt dit thema via de werkgroep op, omdat bodemvruchtbaarheid alle sectoren raakt. De themawerkgroep bestaat uit vertegenwoordigers van biologische boeren en tuinders, meststoffenhandelaren, adviseurs, overheid, Skal en onderwijs.
Kennisprojecten 2010
Minder en Anders Bemesten
Het verder ontwikkelen van strategieën voor inzet van mest van biologische oorsprong. Veldexperimenten op vier bedrijfstypen. Het gaat onder meer om gelijke of hogere opbrengsten, verbetering van productkwaliteit en duurzame bodemvruchtbaarheid. Informatie: s.staps@louisbolk.nl
Kippenmest & Kringloop
Demonstratie van de mogelijkheden om de samenstelling en kwaliteitsborging van pluimveemest te wijzigen zodat die interessant wordt voor akker- en tuinbouwbedrijven. Ook vervanging van rundermest door kippenmest op melkveebedrijven. Informatie: s.staps@louisbolk.nl
100% biologische input - mestbenutting
Efficiënte benutting van dierlijke mest in een vruchtwisseling met permanente grasklaver. Aandacht voor de werking van het bodemleven. Hoe verhoog ik de efficiëntie van mest en het rendement van mijn grond door bemesting? Informatie: herman.deboer@wur.nl
Werkplan 2010:
Visievorming en toetsing
Start begin 2010 oplevering eind maart 2010. Visievorming vanuit kennisinstellingen over integraal duurzaam bodembeheer met verkenning in binnen- en buitenland en consultatie van stakeholders. Dit nadrukkelijk aanvullend op bestaand materiaal. Visievorming voor de bodem als een integraal duurzaam complex en welke kennis en technologieën daarvoor ontwikkeld moeten worden. Beoordeling van lopende projecten; bijdrage aan integraal duurzaam bodembeheer. Aangeven van mogelijkheden voor integraal onderzoek, zowel bio als gangbaar en samenwerking met Vlaanderen (ILVO)
Kippenmest en kringloop
Dit project heette voorheen: “Mestkwaliteit, keten en borging” en is gestart in 2008. Het is deels aangevraagd via demoprojecten intensieve veehouderij.
Samenvatting: demonstratie van de mogelijkheden die er zijn om de samenstelling van pluimveemest te wijzigen en de borging daarvan zodat die interessant wordt voor akker- en tuinbouwbedrijven. Demonstratie (veldexperimenten) van vervanging van rundermest door kippenmest op melkveebedrijven.
Dit project besteedt aandacht aan: kraamkamerfunctie & verbinding met gangbare sector (innovatieve verwerkings- en toepassingsmogelijkheden kippenmest) en verduurzaming (idem).
Minder en anders bemesten (MAB)
Gestart in juli 2007. Het verder ontwikkelen van (nieuwe) strategieën voor inzet van mest van biologische oorsprong. Minder en anders bemesten in diverse bedrijfstypen met: gelijke of hogere opbrengsten; verbetering van productkwaliteit; handhaven of verbeteren duurzame bodemvruchtbaarheid. De resultaten vormen input en onderbouwing voor advies.
Dit project besteedt aandacht aan: kraamkamerfunctie & verbinding met gangbare sector (alternatieve bemestingsconcepten) en verduurzaming (o.m. vermindering nutriëntenuitspoeling).
BASIS, minimale grondbewerking
In combinatie met gangbaar; dit is de biologische component van het project.
Het project BASIS test en verbetert alternatieve grondbewerkingssysstemen en beoordeeld de landbouwkundige en milieukundige voor- en nadelen.
BASIS meet de invloed van verschillende grondbewerkingssystemen op een breed scala van agronomische, ecologische en milieukundige factoren. Daarnaast worden deze grondbewerkingssystemen verder ontwikkeld en geoptimaliseerd. De grondbewerking wordt gecombineerd met het zogenaamde rijpadensysteem zodat de bodem zo weinig mogelijk wordt samengedrukt door berijding met machines.
Bodemweerbaarheid
Combinatie biologisch & gangbaar; dit is de gangbare component. Veerkrachtige bodemvruchtbaarheidsstrategieen. Het ontwikkelen en verbeteren van grondbewerkingssystemen op zandgronden die positief bijdragen aan de thema’s energie, biodiversiteit, grondstoffenverbruik, milieu, klimaat en kwaliteitsproductie zonder de rentabiliteit ernstig aan te tasten. Het documenteren van de resultaten in milieukundige, landbouwkundige en bedrijfseconomische termen. Het organiseren van internationale uitwisseling om tot synergie te komen.
Kwaliteit OS voor duurzame bodemvruchtbaarheid
De beoordeling van een aantal analysemethoden om de stabiliteit/afbraaksnelheid van de organische stof van meststoffen te meten. Het vaststellen van de afbraaksnelheid van een aantal ‘nieuwe’ organische mestsoorten samen met enkele vanouds bekende mestsoorten die daarbij als referentie dienen. Het in beeld brengen van de consequenties voor de lange termijn bodemvruchtbaarheid van het gebruik van verschillende typen organische meststoffen waaronder de ‘nieuwe meststoffen’. Toetsing (validatie) van het resultaat van de verschillende analysemethoden aan de resultaten van veeljarige veldproeven zoals ‘Mest als Kans’ in Lelystad en ‘Nutriënten Waterproof’ in Vredepeel.
Rijpaden Flevoland
Vergelijken van de prestaties van “precisieteelt met onbereden teeltbedden plus minimale grondbewerking” met “gangbare rijpadenteelt plus jaarlijks conventioneel grondbewerken”. Dit onderzoek geeft vooral inzicht in de prestaties en extra mogelijkheden van de teelt op geheel onbereden teeltbedden, vergeleken met het huidige rijpadensysteem dat in Brabant toegepast wordt. Het project draagt bij aan energiebesparingsdoelstellingen op langere termijn.
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| 200901191721488341.pdf | 202.09 KB |